

26/11/2024 – Nadat Joost Berkhout en Marcel Hanegraaff in deel I van hun dubbelinterview constateerden dat lobbyen zorgt voor machtsevenwicht tussen ministeries en parlement, gaan ze in deel II in op wat er misgaat & hoe het beter kan. Een deel van de samenleving wordt niet gehoord. Is dit oplosbaar, is de samenleving op dit punt wel “maakbaar”? Ze staan ook stil bij de vraag of “vernieuwers’, bedrijven die hard nodig zijn voor de transities, het afleggen tegen de gevestigde orde. En geven tot slot hun visie op de maatschappelijke rol die Public Affairs kantoren kunnen spelen.
Hanegraaff en Berkhout zijn het snel eens over het grootste issue rond lobbyen: lager opgeleide burgers hebben minder invloed dan rechts- en linksgeoriënteerde hoger opgeleiden. Alle aandacht voor meer transparantie is hier geen oplossing voor.
Als het lager opgeleide deel van de bevolking minder invloed heeft, is de logische vervolgvraag waarom de vakbonden dit gat niet vullen. Hanegraaff vindt de vakbeweging, die voor deze groep staat, “niet echt machtig”. Het dominante discours gaat over economische groei en ze hebben weinig leden.
Berkhout kijkt hier anders tegenaan en wijst erop dat CDA en VVD lang aan de macht zijn geweest. Het is daardoor niet zo makkelijk voor de vakbonden om resultaat te boeken, maar dat is op verschillende punten toch gelukt, zoals het langere geboorteverlof voor partners.
Hoe kan dit verschil in invloed op basis van opleidingsniveau verkleind worden? Hanegraaff vindt dat beleidsmakers ervoor verantwoordelijk zijn om alle belangen die binnen hun visie een stem verdienen, te horen. Hun houding en verantwoordelijkheidsgevoel zijn veel belangrijker dan ‘regels’.
Hanegraaff vreest dat de ongelijkheid tussen hoger- en lager opgeleiden blijft, maar ziet allerlei mogelijkheden om de kloof te dichten. Eén daarvan is de financiering van belangenorganisaties. Wat zou er gebeurd zijn als een belangenorganisatie op een niet xenofobe manier tegen immigratie had gepleit? De PVV was er dan misschien niet eens geweest.
Berkhout is sceptischer over de “mobilisatie van deelbelangen”. Hij ziet de politieke partijen als belangrijkste oplossing. Zij zouden zich dieper kunnen wortelen in wijken, met meer overheidsfinanciering.
Voor het slagen van de maatschappelijke transities (energie, landbouw, gezondheid etc.) zijn nieuwe, innovatieve bedrijven onmisbaar. Zij hebben nog geen netwerk opgebouwd en moeten soms opboksen tegen andere belangen. Worden zij wel gehoord?
Hanegraaff herhaalt dat het corporatistisch systeem door de fragmentatie is verzwakt. Nieuwkomers met een goed verhaal komen daardoor makkelijker en directer ‘binnen’ bij beleidsmakers dan 20 jaar geleden.
Berkhout wijst er aan de hand van het Akkoord van Wassenaar op dat “sturing” door de overheid en belangenorganisaties juist nodig is voor de transities. Deze stuurbaarheid is afgenomen dat helpt de transities niet.
Berkhout vindt dat kantoren zoals Considerati kunnen zorgen voor meer samenwerking tussen organisaties met gelijke belangen. Daarmee wordt een bestuurlijk probleem opgelost, want beleidsmakers hebben niet de middelen om contact met grote aantallen individuele organisaties te onderhouden.
Volgens Hanegraaff is een “ethos” binnen de beroepsgroep cruciaal voor het vertrouwen in de politiek. In elk advies aan cliënten moet volgens hem het maatschappelijke belang meegenomen worden: hoe dragen organisaties hieraan bij, hoe helpen ze om maatschappelijke problemen op te lossen? Bedrijven die hier geen rekening mee houden boeten bovendien in aan lobbykracht, omdat het economische argumenten – denk aan werkgelegenheid -minder gewicht hebben dan voorheen.
Considerati Public Affairs helpt u om een effectieve lobby te voeren waarin we u begeleiden bij het toegang krijgen tot besluitvormers aangevuld met strategisch advies en creatief-inhoudelijke ondersteuning.
Effectieve lobby ContactRecente blogs
Rogier van Keulen, director Public Affairs bij Considerati, sprak met Marcel Hanegraaff en Joost Berkhout. Beiden zijn associate professor Politicologie…