13-02-2026 Het minderheidskabinet-Jetten is rond: een frisse ploeg van 28 bewindspersonen met geen tekort aan nieuwe gezichten en opvallende namen. Met de benoeming van een 34-jarige minister van Landbouw, een defensie-expert op Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening, en meerdere nieuwe kabinetsposities heeft de jongste minister-president uit de Nederlandse geschiedenis gekozen voor een mix van jonge talenten en politieke zwaargewichten. Voor de digitale agenda kiest Jetten bewust niet voor een minister van Digitale Zaken, maar een staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit bij EZK. Hoe ziet deze constructie eruit, en wat betekent het voor de digitaliseringskoers van Nederland? 

Jetten rondt formatie af met pragmatische digitale keuze 
Digitalisering groeide in de afgelopen jaren van ondergesneeuwd thema naar urgent veiligheidsdossier door de geopolitieke verschuivingen in de wereld. De stroef lopende relatie met de VS en dreigingen uit China hebben Den Haag gedwongen om afhankelijkheden binnen onze kritieke digitale infrastructuur van buitenlandse partijen strenger onder de loep te nemen. In tandem met de toenemende aandacht voor het digitaliseringsdossier klonk de vraag om een Minister van Digitale Zaken uit kritische hoeken in aanloop naar dit kabinet ook luider dan ooit. Toch koos Jetten voor een staatssecretaris van Digitale economie en Soevereiniteit, volgens velen een pragmatische keuze. De gegadigde: D66 senator Willemijn Aerdts, specialist in inlichtingen- en veiligheidsdiensten.  

Wie is de nieuwe staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit? 
De nieuwe staatssecretaris Digitale Economie en Soevereiniteit is dus Willemijn Aerdts, afkomstig uit de Eerste Kamer en gespecialiseerd in inlichtingen- en veiligheidsdiensten. Zij is docent-onderzoeker aan het Institute for Security and Global Affairs van de Universiteit Leiden en schreef onder meer over hoe AIVD en MIVD Nederland veilig houden en over gestructureerde inlichtingenanalyse. Met andere woorden: geen klassieke “ICT-bewindspersoon”, maar een veiligheidsexpert die de digitale agenda vooral door een geopolitieke en strategische bril zal bekijken.  

Op het eerste oog mist Aerdts op papier mogelijk ervaring met economische dossiers, maar haar achtergrond sluit wel sterk aan bij het deel “digitale soevereiniteit”: minder afhankelijk worden van Amerikaanse en Chinese techbedrijven, meer grip op data, cloud en digitale infrastructuur. Juist daar liggen, ook in Brussel, de komende jaren de scherpste politieke keuzes. 

Van BZK naar EZK: de strategische verschuiving 
De vorige staatssecretarissen digitalisering waren bij Binnenlandse Zaken gepositioneerd; daar lag de nadruk op digitale overheid, dienstverlening aan burgers en het ontwikkelen van de Nederlandse Digitaliseringsstrategie. Met de nieuwe staatssecretaris onder EZK verschuift het zwaartepunt naar innovatie, economische groei en concurrentiekracht, gekoppeld aan strategische autonomie. Jetten lichtte toe dat de nieuwe rol alles integreert: digitale veiligheid, economische kansen en de Europese queeste naar onafhankelijkheid van buitenlandse software en techbedrijven.   

Ondanks de hoopvolle benadering van Jetten bleek toch niet iedereen tevreden te zijn. Kritische stemmen, zoals Laurens Dassen (Volt) en Barbara Kathmann (GL-PvdA), noemen het uitblijven van een minister een fout en een gemiste kans, juist omdat digitale vraagstukken geen niche meer zijn maar verweven met alles van cloud tot kinderrechten. Volgens hen ontbreekt het in de digitale aanpak van Nederland niet aan visies en strategieën, maar juist aan realisatiekracht, samenwerking en middelen.  

Vooruitblik: wat staat Aerdts te doen? 
Of de zet van Jetten verstandig blijkt zal afhangen van twee centrale factoren. Ten eerste: krijgt Aerdts voldoende mandaat om echt te sturen op grote Europese dossiers, cloudstrategie, en nationale digitale infrastructuur? Ten tweede: lukt het Aerdts om de digitale overheid, cybersecurity, economie en soevereiniteit in de praktijk geïntegreerd en gezamenlijk te behandelen?  

De takenlijst van de nieuwe staatssecretaris is in ieder geval fors: implementatie van Europese digitale wetgeving (AI Act, Data Act), het vormgeven van een Nederlandse strategie voor digitale soevereiniteit, keuzes over cloud en data-infrastructuur, en het sturen op innovatiekracht in de digitale economie. Nu de formatie voorbij is start de praktijk: wordt de nieuwe staatssecretaris de brug naar robuust en gewogen digitaal beleid, of blijft de Nederlandse digitale agenda zoekende? 

Sem Cohen Consultant Public Affairs

Meer weten?

Neem contact op of stuur een direct een bericht aan Bart Pegge: pegge@considerati.com

Onze diensten ofContact