15-01-2026 Na enkele weken onderhandelen maakten D66, CDA en VVD afgelopen vrijdag bekend dat zij gezamenlijk het volgende kabinet willen vormen. Opvallend is dat dit gebeurt zonder JA21 en GL-PvdA, die beide door de formerende partijen zijn uitgesloten. Met deze keuze neemt de kans toe dat er eind januari een regeerakkoord ligt, maar wel op basis van een minderheidskabinet.
Een kabinet zonder meerderheid
De drie partijen beschikken samen over 66 zetels, tien te weinig voor een parlementaire meerderheid. Dat betekent dat het kabinet voor elk wetsvoorstel actief op zoek moet naar steun bij oppositiepartijen. Anders dan bij eerdere constructies werkt het kabinet hierbij zonder vaste gedoogpartner of vastgelegde steunafspraken. Voor informateur Rianne Letschert bestaat deze week uit van gesprekken met alle fractievoorzitters. Zij verkent of, en onder welke voorwaarden, partijen bereid zijn het minderheidskabinet te steunen.
Verdeelde oppositie
De bereidheid om het minderheidskabinet te steunen loopt uiteen per oppositiepartij. ChristenUnie, SGP en 50PLUS tonen zich in beginsel constructief. BBB en FvD koppelen hun steun aan de inhoud en richten zich daarbij vooral op voorstellen die aansluiten op hun verkiezingsprogramma, onder meer op het gebied van migratie. JA21-leider Joost Eerdmans reageert teleurgesteld dat zijn partij buiten het kabinet blijft, maar houdt de deur open voor samenwerking. Volgens Eerdmans is er geen “streep in het zand” die steun onmogelijk maakt. Hij noemt wel al enkele prioriteiten waarop JA21 nadrukkelijk invloed zal zoeken, zoals migratie en koopkracht. GL-PvdA is aanzienlijk kritischer. Partijleider Klaver typeert het minderheidskabinet als “een risicovol experiment in turbulente tijden” en waarschuwt voor bestuurlijke instabiliteit. Tegelijkertijd benadrukt hij dat zijn partij “het maximale” wil realiseren voor haar kiezers en voor Nederland. Steun zal daarom voorstel voor voorstel en op inhoud worden beoordeeld. Op welke dossiers dat concreet zal zijn, laat Klaver voorlopig in het midden. PVV-leider Wilders weigert in gesprek te gaan met Letschert of met de formerende partijen.
Stabiliteit versus flexibiliteit
De keuze voor een minderheidskabinet roept kritiek op vanwege de onzekerheid en mogelijke bestuurlijke instabiliteit, juist na de politieke stilstand van kabinet Schoof-I en in de huidige geopolitiek onrustige periode. Tegelijkertijd is de constructie niet ongebruikelijk. In Scandinavische landen werken kabinetten al langer met wisselende meerderheden, wat volgens voorstanders beter aansluit bij een gefragmenteerd politiek landschap zoals dat van Nederland. CDA-leider Henri Bontenbal stelt dat een minderheidskabinet in deze context niet onlogisch is. Volgens hem biedt deze vorm voordelen zoals een scherpere ideologische koers, meer ruimte voor hervormingen en intensiever overleg tussen kabinet en parlement.
De komende weken zullen uitwijzen of dit minderheidskabinet in staat is werkbare meerderheden te organiseren en politieke stabiliteit te bieden. Alle ontwikkelingen en de implicaties houdt Considerati scherp voor je in de gaten.
Neem contact op of stuur een direct een bericht aan Bart Pegge: pegge@considerati.com.
Onze diensten Contact