16-01-2023 - Overheidsorganisaties hebben de vrijheid om “economische activiteiten” te verrichten, en daarbij mogelijk met particuliere ondernemingen concurreren, maar zij moeten zich daarbij wel houden aan de gedragsregels Markt en Overheid, die zijn opgenomen in de Mededingingswet. Zo moet de overheid als zij concurreert met ondernemers de integrale kosten doorberekenen in het tarief. Producten of diensten mogen niet onder de kostprijs worden aangeboden.
In november 2021 heeft softwareontwikkelaar Bloqzone een handhavingsverzoek ingediend bij de Autoriteit Consument & Markt (ACM) voor een overtreding van de Wet Markt en Overheid. Zij meent dat een aantal gemeenten die open source broncode voor software aanbieden, met haar als softwareontwikkelaar concurreren. Bloqzone heeft aangevoerd dat de gemeenten de integrale kosten wel moeten doorberekenen. De softwareontwikkelaar stelt dat er sprake is van oneerlijke concurrentie met softwarebedrijven, omdat de gemeenten de broncode gratis ter beschikking stellen.
De ACM heeft op 5 april 2022 op grond van haar prioriteringsbeleid besloten geen onderzoek te doen. Bloqzone heeft hierover bezwaar aangetekend. In een op 3 januari gepubliceerd besluit heeft de ACM vervolgens het bezwaar van de onderneming Bloqzone ongegrond verklaard.
Het besluit van de ACM loopt hiermee vooruit op het wetsvoorstel met aanpassingen van de Wet Markt en Overheid. In het wetsvoorstel wordt onder meer bepaald dat een bestuursorgaan de integrale kosten niet hoeft door te berekenen als het gaat om het vrijgeven van de broncode van open source software die bestuursorganen (laten) ontwikkelen. De wetsbehandeling van dit voorstel staat gepland in de week van 23 januari.
Hiermee kunnen in navolging van een Kamerbrief van de Staatssecretaris van Binnenlandse Zaken overheden de broncode van open software gemakkelijker publiceren. Dit heeft een aantal voordelen, zoals het mogelijk maken dat bepaalde besluitvormingsprocedures, zowel van de systemen als van de overheden zelf, begrijpelijk en controleerbaar zijn voor ieder. Volgens de wetgever zal deze uitzondering bovendien bijdragen aan het stimuleren van economische bedrijvigheid, duurzaamheid en innovatiekracht door bedrijven gebruik te laten maken van bestaande broncode. Zij zouden daar dan zonder restricties op voort kunnen bouwen en diensten op (laten) ontwikkelen. Maar of dat in de praktijk ook zal zijn? Met dit wetsvoorstel wordt meer nadruk gelegd op open source software, in plaats van het huidige software-as-a-service model, waarmee bedrijven hun kosten met licenties terugverdienen. Hoe interessant is het nog voor bedrijven om software te ontwikkelen, als de broncode van deze software ook open source aangeboden kan worden? Wat betekent dit voor innovatie van softwareoplossingen?
Heeft u vragen over bovenstaand? Neem dan gerust contact op met Considerati.