Bescherming van politiële en justitiële gegevens

Terug naar articles

2 februari, 2018

Parallel aan de inwerkingtreding van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG), nadert ook de omzettingstermijn van de Richtlijn politiële en justitiële gegevens. De Richtlijn bevat regels die personen beschermen bij de verwerking van gegevens die verband houden met voorkoming, het onderzoek, de opsporing of de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen. De verwerking van deze categorieën persoonsgegevens valt namelijk niet onder de reikwijdte van de AVG. De Richtlijn is sinds 5 mei 2016 van toepassing en moet voor 6 mei 2018 worden omgezet in nationale wetgeving. De Richtlijn verbetert onder andere gegevensuitwisseling tussen handhavingsautoriteiten en biedt een betere bescherming van de rechten van private partijen.

Wanneer de Richtlijn in nationale wetgeving is geïmplementeerd, zal het thans geldende Europese Kaderbesluit voor bescherming van gegevens in het kader van politiële en justitiële samenwerking in strafzaken worden vervangen.

Belang

De Richtlijn richt zich op verwerkingsactiviteiten van zogenaamde ‘bevoegde autoriteiten’. Te denken valt hierbij aan de Politie. In tegenstelling tot het Kaderbesluit beperkt de Richtlijn zich niet tot grensoverschrijdende gegevensverwerking. Noemenswaardig is dat de Richtlijn niet enkel bescherming biedt aan natuurlijk personen: ook private rechtspersonen vallen (tot op bepaalde hoogte) onder de reikwijdte van de Richtlijn. Onder andere het recht op inzage, verwijdering van gegevens en de mogelijkheid een klacht in te dienen over de verwerking vallen hieronder.

Inhoud

Uit de Richtlijn volgt dat, in tegenstelling tot het Kaderbesluit of de AVG, onderscheid wordt gemaakt tussen verschillende categorieën betrokkenen. Deze categorieën bestaan uit verdachten, veroordeelden, slachtoffers en getuigen. Dit om de politiële en justitiële samenwerking te bevorderen. Desalniettemin leidt het aanbrengen van verschillende categorieën betrokkenen tot een aanzienlijke verzwaring van de werklast voor politie en justitie.

Anders dan in het Kaderbesluit is toegestaan dat de overheid gegevens mag hergebruiken voor andere doeleinden dan waarvoor ze verzameld zijn, mits de doelstelling is toegestaan op grond van toepasselijke wettelijke bepalingen, noodzakelijk is en in verhouding staat tot die doelstelling. Daarnaast kent de Richtlijn een aantal bepalingen die vergelijkbaar zijn met de bepalingen uit de AVG, te weten bepalingen rondom privacy by design, de privacy impact assessment en de meldplicht bij datalekken. Vooral deze laatste is belangrijk, nu het Kaderbesluit de meldplicht bij een datalek niet kent. De precieze uitwerking van deze meldplicht zal uit de implementatie moeten volgen.

Richtlijn

De Richtlijn dient te worden omgezet naar nationale wetgeving. De richtlijn dient voor 6 mei 2018 geïmplementeerd te zijn. Implementatie zal plaatsvinden door de wijziging van de Wet politiegegevens en de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens.

Wilt u meer informatie over de Richtlijn, neem gerust contact met ons op.

Gerelateerde blogs

Streep door Safe Harbour-overeenkomst

Al maanden werd er over gespeculeerd, maar vanochtend werd duidelijkheid verschaft: het Europese...

Lees meer

De digitale uitdagingen voor het nieuwe kabinet | Considerati

De digitale uitdagingen voor het nieuwe kabinet

Voor wie het ontgaan was: digitaal en tech hebben de aandacht van de politiek. Cybersecurity haalde...

Lees meer

Op de hoogte blijven?

Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief. Zie ons privacy statement.