28/09/23 - “Het ei van Columbus is nog niet gevonden”. Dat zei demissionair Staatssecretaris Alexandra van Huffelen over online leeftijdsverificatie tijdens het commissiedebat over kinderen en digitale rechten op 14 september. Zij werd door kritische Kamerleden aan de tand gevoeld over mogelijkheden om ‘een kinderslot’ op digitale diensten in te stellen. Het gesprek ging daarbij vaak over sociale mediadiensten.
Veel mensen zijn het erover eens dat kinderen online enige mate van bescherming zouden moeten krijgen tegen schadelijke en illegale content en andere risico’s zoals grooming. Daarbij zijn grofweg twee stromingen in het debat. Er gaan stemmen op om de ouders meer verantwoordelijkheid te geven op het gebied van online veiligheid van kinderen, bijvoorbeeld door middel van parental controls. Daarnaast gaan er stemmen op om de verantwoordelijkheid voor het beschermen van kinderen en verifiëren van leeftijd bij de digitale diensten neer te leggen.
Door het instellen van een systeem van leeftijdsverificatie kunnen minderjarigen van diensten geweerd worden waardoor zij niet meer worden blootgesteld aan ongepaste content of andere online risico’s, is de gedachte. In sommige gevallen is dit zelfs verplicht, denk bijvoorbeeld aan de online verkoop van alcoholhoudende dranken. Een van de problemen hierbij is dat veelvoorkomende vormen van leeftijdsverificatie gemakkelijk te omzeilen zijn. Denk bijvoorbeeld aan de bekende check-box waarbij de gebruiker moet aanvinken of deze 18 jaar of ouder is. Of het invullen van een geboortedatum, zonder dat deze gecheckt wordt door de dienstaanbieder.
De wens om hier iets aan te doen is zeer begrijpelijk, maar de oplossing vraagt om een zorgvuldige afweging. Immers, een systeem dat is gebaseerd op ‘primair attribuut’ (een identiteitsdocument) is weliswaar veel beter in staat om de leeftijd van een gebruiker vast te stellen, maar kan ook nadelen hebben op het gebied van privacy, toegankelijkheid en inclusiviteit. Er moeten dan vaak meer persoonsgegevens worden verwerkt. Ook heeft niet iedereen een identiteitsdocument (denk aan ongedocumenteerden) of is bereid en in staat deze te gebruiken. Het is goed om hierbij te realiseren dat alle gebruikers van de digitale dienst zich moeten verifiëren, niet alleen minderjarigen.
Wat hierin wijsheid is zal afhangen van de aard van de digitale dienst en de hoogte van de risico’s voor kinderen. Er zijn naast leeftijdsverificatie ook andere maatregelen denkbaar om online risico’s voor kinderen te verminderen. Een one-size-fits-all aanpak voor online leeftijdsverificatie zal dan ook lastig te realiseren zijn. Ontwikkelingen zoals ‘zero knowledge proof’ zijn veelbelovend op dit vlak. Dit is een cryptografisch concept waarbij een gebruiker kan bewijzen dat die 18 jaar of ouder is, zonder daadwerkelijk gevoelige informatie zoals naam en geboortedatum te delen met de dienst.
Bent u op zoek naar strategisch Responsible Tech advies? Of heeft u vragen over dit onderwerp. Neem dan contact op met Considerati, wij denken graag met u mee!